Wenliefde

De hoge bergen en diepe dalen

Lange tijd was ik ervan overtuigd dat de mooiste liefdes zo pats boem voor je neus staan en dat je dan verliefd bent vanaf de eerste blik die je uitwisselt. Dat je het meteen weet: dit is for ever ever. Na een eerste gesprek of een eerste keer zoenen was ik al verkocht. Ik maakte er hele lovestories van. Het was altijd wel een beetje ergens op gebaseerd, want er was een klik of een fijne spanning, maar mijn romantische hoofd bedacht er meestal veel te veel omheen. Regelmatig ben ik op deze manier verliefd geweest. Lichtelijk overenthousiast rende ik in sneltreinvaart met open ogen het ravijn in. “Daar ga ik weer…” dacht ik dan, “Doe nou niet!”. Maar ik zat er al in, om er vervolgens teleurgesteld, in stukjes en moe van mezelf weer uit te moeten klimmen. Je begrijpt, mijn liefdesleven kent hoge bergen en diepe dalen. Hoe vermoeiend.

Mijn nieuwste kunstwerkje, gemaakt door Suski (Susan Sinderinck) van Gallery Younik in Arnhem. Heel typerend…

De wenliefde

Misschien verbaast het je, maar aan mijn grootste liefde tot nu toe heb ik echt een beetje moeten wennen. Het voelde meteen heel fijn met Brian, maar ik was niet direct knetterverliefd op hem, terwijl hij wel knetterverliefd was op mij. We liepen vanaf dag één hand in hand, maar ik voelde me niet onmiddellijk fysiek tot hem aangetrokken. Ik was ontzettend op mijn gemak bij hem, maar ik maakte me ook een klein beetje zorgen of ik me ook zo op mijn gemak zou voelen als mijn vrienden hem zouden ontmoeten. Brian was soms een beetje een directe flapuit met onbenullige uitspraken en ongenuanceerde opmerkingen. Ik moest even aan hem wennen. Achteraf voelt dat wenmoment een soort van verwaarloosbaar. Ik was het zelfs een beetje vergeten. Het zat vervolgens namelijk zo ontzettend goed tussen ons en ik maak dus liever van die mooie liefde-op-het-eerste-gezichtverhalen in mijn hoofd… Bovendien, over de doden niets dan goeds, dus na zijn dood was het alleen maar groots en meeslepend fantastisch. Maar het was er wel, het wenmoment. 

Brian en ik in Maastricht in 2015, hand in hand, zoals altijd

Opnieuw

Aan het begin van de relatie met Brian, maakte dit me een beetje in de war. Het voelde soms als lichte twijfel: “Klopt dit wel? Moet ik niet hoteldebotelvlinders voelen? Wil ik niet gewoon te graag een relatie? Is dit een goede basis of ben ik weer aan het settelen?” Maar voor ik het wist, was ik daar doorheen en waren we een superstel, compleet op elkaar ingespeeld en met heel veel liefde en respect. Het had een beetje tijd nodig om uit te groeien tot iets moois. En dan zou je denken dat ik dus niet per se meer in die liefde-op-mijn-eerste-indruk-vol-fantasievolle-toekomstplaatjes-hoofd-op-hol-valkuil zou stappen en dat ik de wenliefde wat meer kans zou geven. Maar ja… ik was dus vergeten dat Brian een wenliefde was en dat dat ook een optie is. Gek hoe dat werkt. Want nu staat er toch weer eentje voor mijn neus, zo’n wenliefde. Ik heb namelijk een man ontmoet. Een ultiem lieve, vrolijke, sportieve, slimme en een tikkie overenthousiaste man die heerlijk veel tegen me aan kletst, naar me luistert en lieve dingen zegt. Ben heet hij. We hebben een fysieke en een mentale klik, Ben en ik. We delen lol en verdriet samen. We kletsen wat af en we voelen ons heel erg op ons gemak bij elkaar. En toch moest ik even aan hem wennen. Ik was niet meteen hoteldebotel verliefd… Ik zag pas na een paar ontmoetingen dat hij hele mooie ogen heeft. Ik merkte pas na een paar afspraakjes dat de taalfouten die hij maakt niks te maken hebben met zijn intelligentie. En toen hij na een paar dates wat kalmer en minder springerig werd, begon ik die enthousiaste energie juist te waarderen. Hij is huisarts, een beetje een a-typische, en het is mooi om te zien hoe hij intens geniet van mensen en de interactie met mensen. Hij kan prachtig vertellen over zijn werk. En hij is dol op mij.

Groot geaderd witje, in Nederland een dwaalgast (123RF)

De rem van rouw

Zo kom ik er dus opnieuw achter dat verliefdheid ook kan groeien. Zij het dat het dit keer wel wat complexer is. Ik heb namelijk bagage en die voel ik ook. Het remt af. Het is relatief kort geleden dat Brian overleed en opnieuw verliefd worden voelt een beetje verwarrend. Ondanks dat Brian me heel duidelijk gezegd heeft dat ik op zoek moet gaan naar een nieuwe liefde en ik dat rationeel ook heel erg met hem eens ben, voelt dit toch anders dan het flierefluiten van de afgelopen periode. Zodra ik mijn gevoel toelaat voor deze fijne man, voor Ben, voelt het alsof ik tegelijkertijd een gordijntje dichttrek voor Brian. Rem… Als ik Ben schatje noem of liefie, klinkt het alsof die woorden nog vastzitten aan Brian. Rem… En als ik aan anderen vertel, zo af en toe inmiddels, dat ik iemand ontmoet heb waar ik veel gevoel voor heb en die me blij maakt, voel ik me toch een beetje een oplichter. Niet omdat mijn gevoelens niet echt zijn, maar omdat het dan opeens voelt alsof ik Brian vervang met Ben. Alsof ik Brian verraad… En rem! 

Op de rem… (123RF)

Mijn relatie met Rouw

Toen Brian overleed, eindigde onze relatie. In plaats daarvan ontwikkelde zich een relatie met het verdriet om Brian. Rouw en ik kregen verkering. We deden een tijd lang alles samen. Vooral aan het begin waren we heel klef en voor de buitenwereld waren we duidelijk een stel. Later kwam er iets meer ruimte in onze verhouding. Zo kon Rouw het de afgelopen maanden prima hebben dat ik nieuwe contacten opdeed in de datingwereld. Dat was niet bedreigend. Zelfs een wat serieuzere flirt met Drenthe was goed te hanteren voor Rouw. Maar nu ik Ben ontmoet heb, is het allemaal wat lastiger. Naast het gevoel dat ik Brian meer op afstand zet, heb ik ook nog eens het gevoel dat ik het verdriet bedrieg als ik blij ben met Ben. Het remt af en dat afremmen is verwarrend aan het begin van een relatie. Het voelt alsof het niet mag, van mezelf, van Rouw en ten opzichte van de buitenwereld. En dat terwijl ik ook nog aan het wennen was aan wat wat ik allemaal voel voor Ben. Het maakt dat ik me dubbelop niet helemaal onbevangen in een nieuwe relatie kan storten.

Het gedenkhoekje voor Brian in mijn slaapkamer, met een tekst van Judith Agaath

Ruimte om te wennen

Als ik er zo van een afstandje naar kijk, realiseer ik me dat het bij het proces hoort. En bij een wenliefde. En Ben, die overigens nieuwsgierig is naar Brian en al mijn blogs aan het lezen is en dat mooi vindt en vindt dat ik een boek moet schrijven en die veel begrip heeft voor mijn emoties en steeds meer lieve dingen zegt en veilig en vertrouwd voelt en zich, in tegenstelling tot Rouw, wel een beetje bedreigd voelde door mijn eerdere geflierenfluit en flirts met Drenthe, maar daar steeds minder last van heeft omdat hij zich ook veilig en vertrouwd gaat voelen bij mij en die me meteen belt als ik verdrietig ben en mij niet belt als hij verdrietig is (omdat hij dat toch net niet stoer genoeg vindt ondanks dat hij zich steeds meer veilig en vertrouwd gaat voelen bij mij) en blij wordt van elkaar spreken en zien, geeft heel veel ruimte aan dit proces. Het mag er zijn al dat ingewikkelde gevoel. Hij laat me gewoon wennen, mijn WenBen. Hoe bijzonder is dat? Dus sorry Rouw, ik maak het uit. We blijven goede vrienden, maar ik wil geen verkering meer. Ik heb verkering met Ben.  

Allemaal ruimte om me heen…

12 gedachten over “Wenliefde

  1. Wat mooi Roos! Groot gelijk dat je de verkering met Rouw uitmaakt, het is nu een ex die je af en toe vast nog wel eens tegen gaat komen. Met WenBen erbij komt dat vast wel goed. Het is je gegund, een fijne nieuwe liefde waar ook gewoon plek voor is.

    Geliked door 1 persoon

  2. Lieve Roos, elke keer weet je me met je teksten te ontroeren. Wat een bijzonder mens ben je, dat je zo kunt schrijven, dat je jezelf zo helder kunt waarnemen, en dat je je zo open durft stellen. Liefs van je nicht, Cathalijne

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie op Co Reactie annuleren