- Dag 2 of 164
- Van Orisson (F) naar Roncesvalles (S)
- 17 km
Verdrietig
Er zijn heel wat mensen op de Camino die voortdurend het gezelschap van anderen opzoeken. En voordat je het weet hoor je bij een soort groepje. Je Caminofamilie noemen ze dat hier ook wel. Dat is een fijn iets. Het is heerlijk, wanneer je aankomt lopen bij een uitkijkpunt, koffietentje of op de bestemming van de dag, dat er een paar enthousiaste mensen naar je beginnen te zwaaien. Dat je samen kunt eten of een drankje kan doen. Maar soms vind ik het ook vermoeiend. Gisteren merkte ik op een gegeven moment al dat de constante behoefte van sommige mensen om informatie te delen me een beetje irriteert. Vooral de Amerikanen vind ik vermoeiend. Ze nemen veel ruimte in en hebben het de hele tijd over allerlei dingen die er niet per se toe doen. Tijdens het eten gisteravond in de gezellige, maar overvolle en drukke ruimte van de herberg, merk ik dat ik er verdrietig van word. Ik voel me even niet zo thuis. En dan mis ik Brian, want hij was mijn thuis. En mijn dockingstation.

Alleen
Ik besluit die avond dat ik de volgende dag alleen ga lopen. Dat was tenslotte ook wat ik kwam doen hier. Het was een goeie beslissing. De omgeving is zo mooi! Ik loop tot op 1420 km hoogte in de Pyreneeën. Van vroeg in de ochtend in een goeie temperatuur tot ergens begin van de middag in de bloedhitte het laatste stuk omhoog. Door in mijn eentje te lopen kan ik enorm genieten van de prachtige natuur, de uitzichten en de langharige schapen bijvoorbeeld die op de steile hellingen grazen. Het dringt veel beter tot me door dan als er iemand naast me loopt.




Zware dag
De tocht is pittig, ook omdat mijn rugzak toch best zwaar is. Ik besluit er nog meer spullen uit te halen straks als ik aankom. Ik voel dat het nodig is, want de eerste 13 kilometers gaan omhoog en voelen zwaar aan mijn benen, rug en heupen. Het laatste stuk van de klim is erg warm en ik ben blij dat er op een gegeven moment een klein plekje is in de schaduw waar ik even wat kan eten. Ik heb een blaar waar ik niet echt veel last van heb, maar toch maar even aftape. Met droge sokken aan loop ik de rest van deze etappe dan toch met Miti. Miti is in een groep behoorlijk intens, omdat ze maar blijft praten en vragen, maar één op één is ze leuk en een prettige afleiding van de vermoeidheid. Na de top dalen we nog 4 kilometer. Vrij snel al zien we in de verte het klooster van Roncesvalles liggen, waar we vanavond slapen. Het lijkt bedrieglijk dichtbij, maar blijkt toch echt nog wel een eindje lopen. Het is steil en warm en we lopen een stuk verkeerd, waardoor we ons een nog steiler stuk berm met frambozenstruiken en varens door moeten worstelen om niet een kilometer terug te hoeven lopen. Als we het binnenplein van het klooster oplopen zwaaien onze familieleden enthousiast. We zijn blij dat we er zijn!

Spullen dumpen
Helaas blijkt in Roncesvalles geen postkantoor. Ik kan er dus geen spullen terug naar huis sturen. Je kunt er ook de spullen die je te veel hebt in een box doen voor andere pelgrims, maar ik heb dingen uit mijn tas gehaald die ik niet wil achterlaten. Nog een dag dus met mijn zware rugzak. In Zubiri kan het wel. Morgen 21 km en veel warmte!
