- Dag 8 of 170
- Van Estella naar Los Arcos
- 21,2 km
Beïnvloedbaar
Gisteren kwam ik aan met één zeer zijkantje. Fantastisch geslapen, zo moe was ik. Vanmorgen een ontbijtje van de vrijwillige dames (we krijgen een origami kraanvogel mee voor onderweg en een dikke knuffel). Ook een dikke knuffel van Marit die een uur later op de bus naar Pamplona stapt. Zonder al te veel pijn loop ik lekker rustig deze dag in. Het plan is zo’n 9 km te lopen tot Villamayor de Monjardin. Maar als ik daar aan kom, is het pas 10.00 uur. Het voelt alsof ik net begonnen ben. Philippe, die ik halverwege de klim tegenkom, zegt: ah (op z’n Frans), als je langzaam gaat, dan red je het wel en ben je voor 13 uur in Los Arcos. Dus, je raadt het al. Beïnvloedbaar als ik ben… gevoelig voor prestatie… Ik loop door.

Pijn

Op zich is het nu geen probleem. Ik ga best goed. De omgeving is weer prachtig, de temperatuur heerlijk, het gezelschap aangenaam en het is fijn om wel een beetje verder te komen dan 9 km. Alleen het volgende dorp, Los Arcos, is 13 km verderop. Ik loop onbewust iets te snel naast Philippe en na 12 km doet het zeer. Ik heb pijn. De spier of pees op de knobbel van mijn enkel steekt. Bij elke stap. En daardoor gaat ook mijn knie zeer doen. En ik moet nog 8 km. Pijn is extra vermoeiend, want het kost ook hersencapaciteit. “Gaat dit wel goed…?” “Ik had moeten stoppen…” “Is het nog ver…?” “Gaat dit weer over…?” “Waarom luister ik nou nooit naar mijn eigen lichaam…?” “Hoe moeilijk kan het zijn…?!!!”
Focus
Om te stoppen met die irritante gedachten schakel ik terug naar 2 km per uur en tel elke stap met mijn rechter been, want die doet geen pijn. Het maakt dat ik in een soort ritme of wandeltrans raak. Alleen maar focussen op het lopen. Zelfs niet naar de omgeving kijken. Philippe loopt weer zijn eigen tempo en ik zie hem niet meer. En wat ben ik blij wanneer ik een bordje zie met “Los Arcos 2,8 km” erop . Dat is te overzien. Na een uurtje strompel ik uiteindelijk Los Arcos in.




It falls with
Los Arcos is een boerengat, maar wel een schattig boerengat. De hostel is echt heel prettig en in een prachtig pand, vlakbij het pleintje met een barretje. Zodra ik mijn schoenen uitdoe en mijn slippers aantrek, kan ik gewoon lopen. Huppelen zelfs, als ik zou willen. Ik denk dus dat meer dan de helft van de pijn in de druk van mijn schoenen op die spier zit en dat ik me niet heel erg veel zorgen hoef te maken. “It falls with”, zeg ik opgelucht tegen iemand die gelukkig nauwelijks Engels spreekt. Van de mevrouw van de hostel krijg ik een netje voor mijn vuile was, die zij dan in de machine doet met nog een paar netjes met vuile was van andere mensen. Ik mag het zelf ophangen aan het balkonnetje in de kamer (we slapen vandaag met 8). De rest van de dag trek ik op met een gepensioneerde Deense psychotherapeute en ik moet huilen als ik haar over Brian vertel. Dat heb je met psychotherapeuten… en na lange vermoeiende Caminodagen… of gewoon nadat de liefde van je leven is overleden!





















































