Afleiding

Mijn gevoel is een chaos. Het pingpongt in mijn middenrif en zorgt voor onrust. Meestal als ik dat heb, probeer ik het rationeel te maken, maar in mijn hoofd blijven de gedachten ook maar rondjes rennen. Dus, ik schrijf er een blog over. Dat helpt me om mijn gevoelens te vangen en mijn gedachten te ordenen. Om te kunnen schrijven over deze gevoelschaos en gedachtencirkeltjes moet ik echter eerst iets bekennen. Nou het móet niet natuurlijk, maar ik wil het. Het heeft te maken met de camino en met mijn rouwproces en ik heb er nog niet echt over geschreven. Niet heel expliciet in ieder geval. Het was te vroeg, voor mij, en misschien voor sommige anderen.

Mijn bekentenis

Het punt is, ik had een camino-romance… In de laatste week van de camino kwam ik een man tegen met wie ik op een diepere laag een enorme klik voelde. We begrepen elkaar zonder heel veel woorden nodig te hebben. We kwamen elkaar verschillende keren tegen in die laatste week en hadden mooie gesprekken waardoor er na een paar dagen iets meer ontstond dan alleen die klik. Er was romantische spanning tussen ons. Ik dacht het eerst verkeerd te voelen. Hij was namelijk een stuk jonger dan ik. Bovendien dacht ik zelfs nog even dat hij op mannen viel. Maar in Santiago werd duidelijk dat het wel romantisch was en hij op vrouwen viel. En op mij.

An interlude of traveling souls

Het kon zonder schuldgevoel naar Brian, want Brian en ik hebben hierover vaak gepraat. Hij was er heel duidelijk over dat hij wilde dat ik mijn leven verder zou leven en me ook weer open zou stellen voor een nieuwe liefde (zij het niet zo perfect als die van ons en zolang hij maar in mijn hoofd en hart een plek zou houden…). Hij dacht dat ik daar na een half jaar wel aan toe zou zijn. Het was net een maandje later. Het mooie is dat deze camino-romance mij de ruimte gaf een volgende stap te zetten in het rouwproces. Het kenmerk van een camino romance is dat het op de camino is en blijft. En hoewel ik de periode daarna een klein beetje moeite had om het te laten gaan, wist ik wel dat het iets onmogelijks was. Nadat mijn Australische caminovriend John het benoemde als ‘an interlude of traveling souls’, kon ik het waarderen voor wat het was. En op zoek gaan naar andere traveling souls.

Datingapps

En dan kom je tegenwoordig uit bij zo iets onromantisch en plats als datingapps… Na twee wat verkennende afspraakjes was mijn conclusie dat ik eigenlijk niet zo’n zin had in relatietoestanden. Ik wilde vooral wat leuke afleiding. Beetje kletsen, beetje flirten, beetje afspreken. Het hoefde niet allemaal zo serieus. Dus ik richtte me op de wat vluchtiger contacten, maar niet met mensen zonder diepgang, want ik ben natuurlijk niet zomaar een slettenbak (en dan mag je zelf bepalen op welk woord je de klemtoon legt).

Doorleven of door leven?

Ik moet zeggen dat het best gezellig is op de datingapp. Ik heb leuke gesprekken, prettige ontmoetingen en fijn wat extra aandacht. Ik heb eigenlijk niks te klagen. Behalve dat daten tijd kost en het enorm afleidt van de andere dingen die er toe doen, zoals werk, kinderen, huishouden en hond. Maar ook van me lichtelijk alleen voelen soms en van Brian missen. Dat laatste vind ik soms verwarrend, want stiekem heb ik het gevoel dat ik alles wat ik aan Brian zou kunnen missen, vol zou moeten doorleven en dat het geen recht doet aan hem om het een beetje half te doorleven. Ik ben soms een beetje bang, dat het chatten, daten en uitproberen alleen maar afleiding is van dat waar het om zou moeten gaan: het rouwproces doorleven. Maar ik denk ook dat ik hier de klemtoon toch anders moet gaan leggen. Het gaat namelijk om het dóór leven en mooie momenten maken en deze zogenaamde afleiding is daarvan een onderdeel. Ik hoef niet de rest van mijn leven als een heremietkreeft in een donker hoekje Brian te zitten herdenken. Nee, hij zei het zelf: je gaat door met je leven.

Rondslettenbakken

Dus hoppa… beetje rondslettenbakken en gewoon leuk wat uitproberen. Geheel onbewust kom ik uit op mannen die lekker veilig niet in de buurt wonen, zodat het onmogelijk serieus kan worden. En gelukkig zitten ook tussen die tijdelijke contacten mensen die interessant zijn en nieuwe dingen meebrengen. Een hele lieve kerel uit Brabant die me na drie weken chatten toetje noemt, omdat hij vindt dat ik een lief toetje heb en hij me een leuke dame vindt. Hij zegt soms opeens iets schattigs waar ik een beetje emo van kan worden. Een uitdagende man uit Utrecht met wie ik allerlei dingen deel die ik hier niet verder kan toelichten. En soms ontmoet ik ook wat misfits, maar ook die zijn leerzaam…

De feestdagen

Ongeveer een week voor kerst vindt een wat nors kijkende, lange, ietwat rossige Drent mijn profiel leuk. Zijn blik intrigeert me. Zijn profiel ook. En chatten met hem is ook heel boeiend. Het is een soort zoektocht van wat hij nou precies wil zeggen tot exact aanvoelen wat hij bedoelt. En soms knalt hij er opeens iets uit dat zo raak is dat het m’n middenrif opschudt en m’n gedachten prikkelt. Ik hou ervan. Het is die diepere laag weer die geraakt wordt en hij weet het ook. Hij voelt het ook… misschien niet op dezelfde manier, maar wel met dezelfde diepgang. En zelfs op werkgebied hebben we veel raakvlakken.

Mark Rothko

Afleiding

Omdat we allebei voorstander zijn van af en toe iets geks doen in je leven, stel ik voor dat hij bij mij oud en nieuw komt vieren. Ik heb namelijk twee kaartjes voor een eindejaarsfeest en hij heeft zich ten doel gesteld meer leuke dingen te ondernemen om niet te versaaien. Hij gaat mee. Omdat we willen weten of we een feest als oud en nieuw echt samen willen doorbrengen, spreken we eerst nog af bij hem in de buurt. En omdat ik natuurlijk toch wel een beetje een slettenbak ben, blijf ik bij hem slapen. Het is gezellig en fijn. Wanneer ik midden in de nacht tegen hem aankruip, hij me een kus op mijn voorhoofd geeft en ik met mijn rug tegen zijn rug weer in slaap val, voelt het voor mij even alsof we als twee puzzelstukjes in elkaar passen. Maar we wonen 120 kilometer uit elkaar, hij heeft mega veel onrust in zich en zijn jongste (van drie kinderen) is nog maar zes jaar oud, terwijl mijn jongste over een paar jaar 18 jaar is en zo’n beetje op kamers gaat. Ik wil geen zeven kinderen… Dus ik besloot dat hij een interlude is. Hij was een fijne afleiding van allemaal ingewikkelde dingen rondom de feestdagen.

Twijfels

En ook daar is dan die twijfel weer. Zoek ik met dit soort dingen niet gewoon afleiding van het gemis van Brian rondom de feestdagen? Of ben ik aan het dóór leven en voelt dat soms nog een beetje ruw en onwennig, zoals mijn Drentse interlude het formuleerde met één van zijn rake opmerkingen? Net als nu, hier in Marrakech, waar ik voor het eerst zonder Brian ben en inkopen doe. We hebben hier zo veel rondgelopen samen en grote en kleine dingen ontdekt. In de ochtend zingen de vogeltjes nog steeds “weet-je wel-weet-je-niet” en “Ik ben Picolientje”. We lopen door Brians geliefde Medina, op zoek naar zijn geliefde handel en snuiven de sfeer op van Marrakech, waar hij zich zo enorm thuis voelde. Ruw en onwennig voelt het inderdaad, de eerste keer hier zonder hem. En laat ik me dan afleiden van de moeilijke emoties? Door Yvette, die mee is omdat ze mijn galeriehoudster is (en een soort extra bonusdochter of vriendin). Door de Finnen, die fijne vrienden zijn en die ik hier zo veel van mijn handel laat zien dat er niks zakelijks aan is. En misschien ook door de fijne man in Drenthe, die ik nog heel veilig een interlude blijf noemen?

Maar het is er gewoon!

Nou, het gemis en verdriet poppen toch wel op. Of ik me nou laat afleiden of niet. Alleen niet op de momenten dat ik verwacht dat ik hem mis. Ik word namelijk opeens heel verdrietig terwijl ik sta te pinnen, in het hokje waar Brian en ik altijd samen geld uit de muur trokken. En op het moment dat ik afreken met Abdul, de oude man met de winkel bovenin de antique souq waar Brian hard onderhandelde en ik aantekeningen maakte en rekende. Het roept zo veel herinneringen op dat opeens de tranen over mijn wangen lopen midden in zijn winkel. De afleiding verandert daar niks aan.

Drinking tea in the antique souq

Traveling souls

En dus laat ik me toch ook maar gewoon een beetje afleiden door met mijn hoofd soms bij die onrustige, scherpzinnige Drent te zijn met wie ik dus, net als met mijn camino romance, ook weer een connectie voel op die diepere lagen van mijn gevoelsleven en die onmogelijk ver weg woont met zijn (voor mij) veel te jonge kinderen. We brachten ook samen oud en nieuw door, want je mag best een beetje genieten van zo’n interlude of traveling souls. Waarschijnlijk hebben we het allebei een beetje nodig: de gezelligheid, de aandacht, het lichamelijke contact en die connectie op dat gevoelsniveau. We zijn ons beide bewust van het risico dat we elkaar toch serieus leuk gaan vinden. En misschien, heel misschien voel ik stiekem net iets meer voor hem dan wat past bij een interlude of traveling souls.

Paulus Noomen

Let it be

En wat betekent dat dan? Geen idee. Dat is een vraag waar mijn hoofd meestal meteen mee aan de slag gaat: wat is dit voor emotie? Waar komt het vandaan? Wat betekent het? Hoe moet het verder? Wat als dit en wat als dat? Ingewikkeld, zei ik tegen hem. En toen stelde hij meteen een goede vraag, die ik vervolgens een beetje weglachte met een grapje en waar ik dus niet echt antwoord op gaf: of ik het kan laten zijn? Of ik het kan loslaten? Niet hoef in te kaderen, vastpakken of benoemen? Ik denk dat ik dat kan en dat ik dat ook wil, want ik heb op dit moment echt geen idee wat het is en wat het betekent en in mijn hoofd ga ik het antwoord toch niet vinden. Ik wil het uitzoeken en de tijd geven. Maar dat voelt dus ook heel eng, want, omdat we allebei niet gestopt zijn met verder kijken op de platte datingapp, voelt het alsof de tijd dringt. Misschien dat daar die onrust vandaan komt. Ik ben bang dat het me nu zo opeens kan ontglippen, voordat we het vast hebben kunnen pakken. Wat dat ‘het’ ook moge zijn.

Let it be
(foto gemaakt in riad in Marrakech)

Mijn aankomst in Santiago

  • Dag 37 of 199
  • Van Castañeda naar Santiago de Compostela
  • 45 km

Geen tijd

Oké, ik ben er nog hoor. Het was echter nogal intens om aan te komen in Santiago. De vermoeidheid, de drukte van de grote stad en de sociale toestanden waar je in wordt gezogen. Allemaal verschillende mensen die ik ontmoet heb op de camino, in groepjes of individueel. Wauw! Dus geen tijd om te denken, laat staan te schrijven.

Doorlopen of niet

Ik heb dus van de één-na-laatste dag mijn laatste dag gemaakt. Ik was het niet echt van plan. Pas toen mijn moeder me succes wenste met de laatste 45 kilometers werd er een zaadje geplant. Ik was niet eens vroeg opgestaan in mijn geweldige kleine eigen kamer in dit minidorpje Castañeda. Heerlijk geslapen. Er zijn geen albergues in het dorpje, met het grote voordeel dat ik kilometers lang alleen loop. Dus oortjes in en gaan. Brian en ik hadden samen een playlist. We noemden hem de drinklijst, omdat we hem maakten tijdens avondjes port drinken samen. Queen, Billy Joel, Metallica, Leonard Cohen, Santana, Manu Chao en nog veel meer. De playlist gaat op repeat en het blijkt een soort motortje. Ik ga als vanzelf. Geen pijn, geen vermoeidheid en wel veel plezier en genieten van de natuur. Ik dans de eerst tien heuvels over tot het eerste ontbijt met café con leche in de prachtige tuin van een (eindelijk) goed georganiseerd café-restaurant.

Soepel

Na het ontbijtje loop ik lekker door. Het gaat nog steeds verbazingwekkend soepel. Ik heb in principe 25 kilometer gepland staan naar O Pedrouzo en besluit te kijken hoe het gaat als ik die gelopen heb. Hoe verder ik de etappe loop, hoe drukker het wordt. Er staan rijen voor de koffie en de wc. Allemaal druk pratende pelgrims. Maar het is gezellig en ik voel me helemaal prima. Ik kom geen bekenden tegen, wat ik fijn vind. Het is heerlijk om samen met Brian en onze muziek de weg af te lopen.

Zo’n vijf kilometer voor O Pedrouzo, merk ik dat de hoeveelheid mensen me wel begint tegen te staan. Ik moet net iets te vaak dikke, in de weglopende Amerikanen en Spanjaarden ontwijken. Ze lopen langzaam en breeduit in setjes van twee of drie op het pad en pas als het me lukt om tussen ze door te stappen en ik vrolijk “Buen Camino” roep, gaan ze geschrokken aan de kant. “Ow sorrry, you were just too quiet honey”, zegt de hoogblonde Amerikaanse 60-plusser met haar Texaanse witte hoed op. Ja, nu is het mijn schuld… Ik zal je niet vertellen wat ik dacht.

O Pedrouzo

Er zijn mensen die dit allemaal heel gezellig vinden, maar ik heb ontzettend weinig zin om morgenochtend met deze meute naar Santiago te lopen en dus als ik in O Pedrouzo aankom, met overigens prachtige graffitikunst, loop ik gewoon door naar de andere kant van het dorp het bos in en volg de gele pijlen in de richting van Santiago. Nog 20 kilometer. Muziek aan, stokken in de stampstand en gaan. Het gaat iets minder soepel dan vanmorgen, dus iets strammer dans ik nog even een paar heuvels over.

Ik ook een camino angel

Net op het moment dat het weer wat zwaarder voelt en ik denk: “Het enige wat ik hoef te doen, is lopen…” zit er langs de kant van de weg in een greppel een oudere man tegen zijn rugzak geleund. Hij kijkt niet helemaal helder uit zijn ogen. Als ik hem vraag hoe het gaat zegt hij goed en nee hij heeft geen hulp nodig. Ik twijfel. Maar wil niks opdringen. Achter me loopt een Duitse. Als zij ook stopt, loop ik terug en samen besluiten we hem naar de eerstvolgende albergue te brengen. Twee Spaanse dames sluiten aan. Ik neem zijn rugzak, zij helpen hem op het pad te blijven. Het gaat langzaam en het kost me tijd, maar het is een lieve vriendelijke Tsjech die er echt niet helemaal goed bij loopt. Bij de albergue regelen ze een dokter voor hem en er komt iemand uit het dorp om voor hem onderdak te organiseren. Nu waren wij even Camino angels.

Spannend

Ik moet dan nog 16 kilometer en het is nu 16.00 uur. Als ik doorstap is het nog vier uur lopen. Ik regel al lopend een hotelkamer. Vul ergens mijn waterzak bij, eet wat en loop weer door. Na 10 km komen er kleine twijfels op of dit wel een goed idee was. Mijn voeten doen zeer. Ik voel de tenen van mijn linkervoet niet (wat eerlijk gezegd een voordeel zou kunnen zijn op dit moment), maar het is nog maar zes kilometer en eerlijk gezegd denk ik dat ik het wel aankan. Het voelt vooral een beetje spannend. Is het wel fijn om zo laat aan te komen? Zijn er dan wel mensen die me opvangen of is iedereen al met z’n eigen dingen bezig. Ik ben de enige pelgrim op de weg. Meestal zie je her en der wel rugzakken lopen voor of achter je. Niks niemand nergens.

De hulptroepen

Ik app Nadav dat ik doorloop naar Santiago. Hij is vanmiddag aangekomen. Wanneer ik mijn twijfel uit, zegt hij dat ik er geen spijt van ga krijgen. Hij komt naar het plein als ik er ben, belooft hij. Nadav is een van de camino angels die ik een kleine week geleden ontmoet heb. We hebben elkaar de laatste paar dagen beter leren kennen in goede gesprekken. Hij is een mega gevoelige, analytische en een beetje filosofische denker met een scherpe blik en heerlijke humor. Hij heeft drie hele verschillende studies gedaan en weet op dit moment niet zo goed wat hij wil, qua werk, met zijn leven. Waar kies je voor als er zoveel verschillende (aspecten van) dingen interessant zijn? Moet je eigenlijk wel kiezen? We herkennen veel dingen in elkaar. Het is fijn om met hem te praten. Een soort erkenning door de herkenning. En daarbij heeft hij bloedmooie ogen.

Ik ben er!!

De laatste 4,7 kilometers gaan door de stad. Ergens in een barretje drink ik een espresso en een fles water en stuur ik een foto van mijn paspoort naar het hotel om de toegangscode te krijgen. Zonder de drinklijst op mijn oren, maar met de foto van Brian dicht tegen me aan loop ik het centrum in. Bij het plein met de fontein check ik nog even waar ik heen moet op de app, want ik zie geen enkele pijl meer. En dan is daar de poort naar het plein van de kathedraal, inclusief de doedelzakspeler gelukkig nog om 20.00 uur. Ik ben er!!

Moe moe moe

Er zijn nog mensen op het plein, maar als ik het zo bekijk is aankomen in Santiago sowieso een individuele ervaring. Ik ben vooral heel moe en moet daar wel van huilen. Andere emoties die ik denk te ervaren heb ik vermoedelijk bewust een beetje opgeroepen om er toch een emotionele belevenis van te maken. De kathedraal is indrukwekkend, maar de aankomst is voor mijn gevoel niet heel veel anders dan andere dagen. Ik plof aan de rand van het plein tegen een pilaar van een groot gebouw en een vriendelijke mevrouw hurkt even naast me om te checken of ik oké ben. Ik laat het even bezinken om vervolgens het thuisfront te laten weten dat ik er ben. Ik app Nadav en hij komt naar het plein, zit even naast me en loopt daarna met me naar m’n hotel. Ik kom onderweg mensen tegen die ik ken. Knuffels geven, foto’s maken, telefoonnummers uitwisselen. Nadav kan het niet laten om steeds te vertellen dat ik 45 kilometer gelopen heb, waarop iedereen met ontzag reageert wat ik lastig, maar stiekem ook wel fijn vind. Ik heb het gewoon geflikt. Ik ben klaar!

En nog veel meer…

Santiago is intens. Ik vier dat ik er ben. Met Sharon en de groep jonkies uit Orisson. Met Nadav en de hele toffe vrienden die hij vanmorgen ontmoette toen hij verkeerd liep in het donker en zij allemaal achter hem aanliepen en dus allemaal verdwaalden en samen de weg terug moesten vinden. Zulke fijne mensen! Maar ze gaan ook allemaal weer weg. De ene de volgende dag naar Finisterre, de ander een dag later met de bus. Het is geweldig en verdrietig tegelijk. En dat is nog maar het begin van drie intense dagen.

Camino angels

  • Dag 31 of 193
  • Van Vega de Valcarce naar Fonfría
  • 24 km

Het inzichtenvraagstuk

Gisteren was ik dus bezig met de vraag of ik wel genoeg inzichten had opgedaan tijdens de camino. Ik kwam hier met het idee om ruimte in mijn hoofd te vinden voor het verdriet. En ergens had ik gedacht toch wel een paar heldere momenten te hebben. Dat je tijdens het lopen veel kunt nadenken of je bewust wordt van je gevoelens en emoties en ze een plek kunt geven. Dat de rust, de natuur om me heen en de tijd voor mezelf me antwoorden had opgeleverd. Maar dat valt me dus best wel tegen. Tenzij dat het inzicht is. Dat er geen grote inzichten zijn.

Wel grote uitzichten
Schattige stroompjes
Betoverende paadjes

Een interessante ontmoeting

Sinds de Cruz de Ferro eergisteren zie ik tijdens het lopen met enige regelmaat een jongeman, van wie ik denk dat hij uit India komt. Vandaag zie ik hem weer bij een groot standbeeld van een pelgrim dat opdoemt in de mist bovenop de berg. We maken allebei een foto en vinden de mist wel passen bij zijn geharde uiterlijk. Zo raken we aan de praat. Hij blijkt een uiterst filosofisch aangelegde man van 28 jaar oud uit Tel Aviv, Israël. We belanden meteen in een diep gesprek grappig genoeg. Niet eerst de standaard dingen, zoals wat ben je vandaag gestart, ben je de camino begonnen in St. Jean, wat ga je vandaag overnachten… Het gesprek gaat meteen over of de camino je brengt wat je gehoopt had. Hij zegt dat hij gedacht had dat de inzichten groter zouden zijn, maar dat hij zich eigenlijk vooral kleiner voelt. Er is weinig ruimte om echt na te denken en weinig rust om tot jezelf te komen, zegt hij. Hij had het zich anders voorgesteld, maar maakt zich daar niet druk om, want anders is niet per se slecht. Gek hoe je tijdens de camino steeds weer mensen op je dak gestuurd krijgt die op hun eigen manier iets aan je reis toevoegen net op het moment dat je het nodig hebt. Het zijn net Camino-angels.

Het standbeeld

Camino-angels

Ik ben op meer momenten Camino angels tegengekomen. Aan het begin, toen ik een beetje verzuip in het sociale gedoe, was er Laura, een jonge Duitse die de camino kalm en met volle aandacht liep en zich ook af en toe distantieerde van de sociale drukte. Een voorbeeld. Daarna liep ik soms met Philippe, die met zijn rust, eenvoudige manier van leven en zijn grappige gespreksonderwerpen kleine dingen toevoegde aan mijn camino. Toen ontmoette ik John, die met zijn stoere buitenkant, maar zijn gekwetste ziel me bewust maakte van de kansen die je wel of niet pakt op de camino. En daar was Shawn. Hij schakelde heel sterk naar Brian en vroeg me of ik al van hem gedroomd had, waarna ik die nacht van Brian droomde. Er was een jonge Duitser, Jörgen, die heel kalm op zijn eigen manier de camino loopt en met volle aandacht naar mijn verdriet om Brian luisterde. En nu deze Nadav.

Filosofisch

Nadav komt over als een kalme, sterk geaarde hyperintelligente jongeman die sterk open-minded de wereld inkijkt. Het is nogal filosofisch en diepgaand. Hij vertelt dat hij zich verdiept heeft in het Boeddhisme en we hebben het erover dat het zoeken naar antwoorden op grote vragen vaak leidt tot meer vragen en problemen. Dat je een heleboel dingen niet weet of kunt voorspellen. Dat het leven soms is wat het is. Dat de camino net als het leven is. Dat het goed is om niet te haasten. Als we langs een oud en bemost muurtje lopen, vertel ik hem hoe blij ik kan worden van de bergen en dit soort mooie details die je hier veel vindt. Hij vraagt of ik me nu dan blij voel. Ik vertel hem dat ik een dikke glimlach heb van binnen. En van buiten. Het is interessant om met hem te praten, want hij denkt verschrikkelijk ingewikkeld en het zet mijn hersens aan.

Grinnik…

Na een uurtje eten we een kleine picnic met sinaasappel, druiven en koekjes. En dan komt Friedrich de grote Duitser al zuchtend aangelopen. Ik mag hem wel, maar hij is luid, aanwezig en een klager die met name de negatieve dingen weet te benoemen en over materialistische dingen praat. Hij kijkt zelden naar de mooie uitzichten, laat staan de details. Ik grinnik om het gesprek tussen Nadav en hem. Friedrich probeert hem op de kast te jagen met flauwe grappen en opmerkingen, maar krijgt de hele tijd kalme vragen en vriendelijke antwoorden terug die hem een beetje in verwarring brengen. “Kijk hier”, zegt Nadav tegen hem als Friedrich zonder op te kijken weer een steile helling omhoog zucht. En verbaasd staat Friedrich even stil. Ik glimlach van binnen.

Ook een grinnik…

Naast mijn gesprek met Nadav, heb ik van binnen en van buiten glimlachend door dit prachtige groene berggebied gewandeld. Van Nadav neem ik met een dikke knuffel afscheid buiten de albergue waar ik slaap. Hij loopt nog even verder. Hij ziet wel wat hij terecht komt. Heerlijk toch? Niet voor mij weggelegd. Maar het past bij hem.

Ow en deze moet ik ook nog even delen, want katten maken ook altijd dat ik blij word. Op de eerste koffierustplaats ontmoet ik dit jonge dingetje en we worden dikke matties! Hij is van een Spaanse pelgrim die hem mee heeft en buideltje in haar jas.

Me happy